NIEUWSBRIEF DYSLEXIE
December 2011, nr. 1
Misbruiken scholen dyslexieverklaringen?
De laatste tijd zijn een aantal krantenartikelen verschenen die voor onrust zorgen.
De vraag wordt gesteld of middelbare scholen dyslexieverklaringen misbruiken om scholieren gemakkelijker door hun schoolloopbaan te leiden. Een aantal dyslexiedeskundigen baseert zich op een onderzoek van het Dagblad van het Noorden waaruit blijkt dat voor de zomer van 2011 8% van het aantal examenkandidaten examen deed met een dyslexieverklaring. Volgens dit artikel zou het aantal leerlingen met een dyslexieverklaring op sommige scholen in het noorden oplopen tot 30 %. Ook zou er volgens een onderzoek sprake zijn van te weinig inzet van de leerlingen. Het ‘misbruik’ zorgt vervolgens voor onbegrip bij docenten. Ook zouden scholen hun Havo/VWO afdeling groot willen houden.
Onderzoek door Het Lumeijn
We willen in ons samenwerkingsverband in kaart brengen hoeveel leerlingen een dyslexieverklaring hebben bij binnenkomst van de brugklas en hoeveel leerlingen in de hogere leerjaren een verklaring krijgen. Daarnaast willen we inzicht krijgen in hoeverre hulpmiddelen ingezet worden op de scholen. Tijdens de bijeenkomst van de kenniskring is hiervoor een dyslexie-enquête uitgereikt.
Beleid van het Lumeijn t.a.v. dyslexieverklaringen niet-GZ psychologen
Onlangs werd in de Stentor geschreven over ‘talloze’ dyslexieverklaringen die afgegeven zouden worden door niet gekwalificeerde personen . Deze berichtgeving zorgt ook in ons samenwerkingsverband voor onrust.
Naar aanleiding van het onder ogen krijgen van diverse dyslexieverklaringen die niet zijn ondertekend door een GZ-psycholoog of NVO Generalist is het expertiseteam van het Lumeijn bij de diverse beroepsverenigingen te rade gegaan.
Het blijkt juridisch in orde als een orthopedagoog een dyslexieverklaring opstelt, zeker wanneer het gaat om de toekenning van faciliteiten op school. Er wordt in de wet (artikel 55; wet op het voortgezet onderwijs) namelijk gesproken van een 'in zake deskundige'. Er wordt in het midden gelaten wie of wat 'in zake deskundig' is.
De beroepsverenigingen (NIP en NVO) en de Stichting Dyslexie Nederland geven echter aan dat ze het beter vinden wanneer een verklaring wordt afgegeven door een GZ-psycholoog of NVO Generalist, omdat deze een extra opleiding heeft gehad en daarmee een andere deskundigheid heeft (dus eigenlijk dan pas 'in zake deskundig' is).
We scharen ons als Lumeijn achter dit standpunt om op deze manier de kwaliteit van ons onderzoek te waarborgen. Ook zorgverzekeraars stellen de eis dat een verklaring ondertekend moet zijn door een GZ-psycholoog of een NVO generalist, zoals bv. voor de vergoeding van een Daisyspeler. Scholen zijn evt. vrij om andere dyslexieverklaringen te accepteren, maar kunnen ook aan ouders aangeven dat ze willen dat deze verklaringen aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen (bv. aanwezigheid van onderbouwing (onderzoeksresultaten) en ondertekend door GZ-psycholoog ). Dit moet uiteraard wel van tevoren kenbaar worden gemaakt aan de ouders (bv. in schoolgids o.i.d.).
Het Lumeijn kan ondersteuning bieden wanneer een dyslexieverklaring niet voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen. U kunt hierover contact opnemen met de orthopedagoog die namens Het Lumeijn bij u op school werkt.
Ondersteuning bij het examen
De onderwijsinspectie doet momenteel een verkennend onderzoek naar de ondersteuning die dyslectische leerlingen krijgen bij het examen. In 2012 voert de inspectie een uitgebreider onderzoek uit naar de ondersteuning die deze leerlingen krijgen tijdens hun gehele schoolloopbaan.
Positief punt:
De signalering van dyslexie is de laatste jaren enorm verbeterd sinds de implementatie van het Protocol Dyslexie VO vanaf schooljaar 2005-2006.
Veel leerlingen hebben dankzij de diagnose dyslexie met veel zelfvertrouwen een diploma kunnen halen op hun eigen niveau passend bij hun intelligentie. Aangetoond is dat zij meer kans op succes maken in de maatschappij.
Veelgestelde vragen
1. Mogen leerlingen ook zonder een dyslexieverklaring gebruik maken van een laptop met spellingcontrole?
Antwoord: Ja. Het gebruik van een computer tijdens het examen is wettelijk toegestaan voor alle leerlingen. De school kan ook bepalen om het computergebruik alleen toe te staan voor speciale groepen kandidaten bijvoorbeeld de dyslectische kandidaten. De spellingcontrole hoeft niet te worden uitgeschakeld.
2. Waar kan ik vinden welke hulpmiddelen toegestaan zijn?
Antwoord: Op www.examenblad.nl staat ieder jaar belangrijke informatie:
De septembermededeling met dit jaar bv. de aangescherpte eisen examens
Het rooster van de examens en een overzicht toegestane hulpmiddelen( bijlage 2b, zie 4.2)
3. Nu de nieuwe exameneisen ingaan, wordt er dan ook nog extra rekening gehouden met dyslexie?
Antwoord: Nee, de minister gaat er vooralsnog van uit dat scholen gaan anticiperen op de verzwaring van de exameneisen. Het gebruik van hulpmiddelen is nu al toegestaan, dus hoeft er volgens de bewindsvrouw geen talent verloren te gaan. Verder gaat de minister voort met haar beleid om de toegankelijkheid te vergroten van leermateriaal voor deze groep leerlingen. Ze zal daarvoor met alle betrokken partijen, zoals de educatieve uitgevers, afspraken maken.
4. Hoe vaak worden ICT hulpmiddelen ingezet bij de examens?
Antwoord: Voor het examen gelden vier officiële maatregelen die mogen worden toegestaan voor leerlingen met een dyslexieverklaring. Verlenging van de examentijd is daarvan de meest voorkomende (99%) , op afstand gevolgd door een aangepaste lay-out van de opgaven (36%), auditieve ondersteuning (29%) en ict-ondersteuning (26%). De enquête die we houden zal hopelijk ook laten zien welke faciliteiten in ons samenwerkingsverband geboden worden. U krijgt daarover bericht.
5. In de media is er de laatste tijd veel aandacht voor een nieuw lettertype, genaamd ‘dyslexie’ ontwikkeld door grafisch ontwerper Christian Boer. Wat moeten we hier als school mee?
Antwoord: Het Lettertype Dyslexie is ontwikkeld om mensen met dyslexie met minder moeite te laten lezen. Het lettertype is te koop bij Lexima (€ 69, - voor thuisgebruik). Op de website van Lexima wordt verwezen naar een onderzoek waaruit zou blijken dat het lettertype effectief is (zie www.lexima.nl). Het blijkt dat het gaat om een onderzoek uitgevoerd door een student bij een kleine onderzoeksgroep. Enkele conclusies uit dit onderzoek: dyslectici gaan niet sneller lezen van dit lettertype, ze maken wel minder fouten. Vanwege de kleine onderzoeksgroep kan de uitspraak dat dyslectici minder fouten maken niet met veel zekerheid worden gedaan. Ook is de dyslectici gevraagd naar hun beleving van het lettertype. Het is zeer wisselend hoe de dyslectici over dit lettertype denken.
Kortom: er zijn mensen die het plezierig zullen vinden om het lettertype te gebruiken en wellicht ook ervaren dat het lezen iets makkelijker gaat. Maar het is geen wondermiddel, niet alle dyslectici geven de voorkeur aan dit lettertype en het is ook nog niet onomstotelijk aangetoond dat het werkt…
In dit stadium is ons advies om het lettertype nog niet als school aan te schaffen (€ 775,- om het op een VO-locatie te mogen gebruiken) en eigenlijk zou u het per leerling eerst moeten testen om te kijken of het meerwaarde heeft, voordat u er geld aan uit geeft. Op de website van Christian Boer kunt u een tekst insturen om het om te laten zetten naar het lettertype. Deze tekst zou u dan als test kunnen gebruiken. Misschien kunt u voorlopig uw geld beter besteden, bv. aan tekst-naar-spraaksoftware.
Vragen voor de volgende nieuwsbrief kunt u stellen via: dyslexie@opdc-zwolle.nl.
Deze nieuwsbrief is een incidentele uitgave van het expertiseteam van OPDC Het Lumeijn.
Naar Menu Team - Samenstelling